De fiscale regeling voor aandelenopties bij start- en scale-ups schiet tekort, stelt Michiel Chevalier van Nmbrs. Het kabinet wil met Prinsjesdag werknemersparticipatie aantrekkelijker maken, maar de voorgestelde maatregel lost volgens hem het fundamentele probleem niet op. Chevalier bepleit een radicale koerswijziging: haal werknemersparticipatie uit de loonbelasting.
Kabinet wil werknemersparticipatie aantrekkelijker maken
Het kabinet kondigde aan werknemersparticipatie aantrekkelijker te maken door de belastingdruk op aandelenopties uit te stellen tot verkoop en slechts 65 procent van het voordeel te belasten. Volgens Chevalier lost deze maatregel echter niet het fundamentele probleem op dat waardestijging van aandelen fiscaal als loon wordt behandeld, terwijl dezelfde waardestijging bij gewone beleggingen niet als inkomsten wordt gezien.
Voor ondernemers in start- en scale-ups is dit cruciaal: werknemersparticipatie is vaak het enige middel om talent aan te trekken zonder grote salarissen te betalen. Een duidelijkere fiscale scheiding tussen het initiële voordeel (als loon) en latere waardestijging (als ondernemersrisico) zou de aantrekkelijkheid van aandelen als compensatie vergroten en tegelijk de administratieve last van waarderingsprocedures verminderen.
Fiscale hervorming aandelenopties noodzakelijk
Het kabinet stelt voor dat werknemers van start- en scale-ups pas belasting betalen wanneer zij hun aandelen daadwerkelijk verkopen. Bovendien wordt dan slechts 65 procent van het voordeel belast. Volgens Chevalier lost dit weliswaar het probleem op dat mensen belasting moesten betalen over aandelen die ze nog niet konden verkopen, maar verandert het niets aan de kern. De fiscus blijft het hele voordeel, inclusief de waardestijging van jaren later, als beloning voor arbeid zien.
Daarnaast belemmert de huidige aanpak de groei van Nederlandse bedrijven. Chevalier erkent dat er een loonelement in zit wanneer een werknemer aandelen krijgt onder de marktwaarde. Dat verschil mag volgens hem als beloning voor werk worden belast. Echter, alles wat daarna gebeurt is geen loon meer maar ondernemersrisico. Wanneer iemand investeert in aandelen van een willekeurig ander bedrijf, wordt de waardestijging ook niet als salaris gezien.
Lucratiefbelangregeling op de schop
Chevalier pleit voor een duidelijke knip: belast het voordeel bij verkrijging als loon en behandel de aandelen daarna als gewone aandelen. Dit betekent dat de lucratiefbelangregeling, die nu precies deze scheiding onmogelijk maakt, moet worden herzien. Voor start- en scale-ups is deze verandering cruciaal, omdat zij qua salaris niet altijd kunnen concurreren met grote, gevestigde bedrijven.
Door medewerkers mede-eigenaar te maken, kunnen jonge bedrijven talent wel laten meeprofiteren van de waarde die ze samen creëren. Bovendien vergroot het de betrokkenheid van medewerkers bij de onderneming. Naast de fiscale behandeling moet ook de uitvoering eenvoudiger worden. Alleen al het bepalen van de waarde van aandelen in een niet-beursgenoteerd bedrijf kan in Nederland ingewikkeld zijn.
Duidelijke waarderingsregels gewenst
Tot slot vraagt Chevalier om duidelijke, voorspelbare regels voor de waardering van aandelen. Zo weten ondernemers en hun werknemers vooraf waar ze aan toe zijn. De Nmbrs-topman hoopt dat het kabinet met de definitieve plannen voor Prinsjesdag verder gaat dan de nu voorgestelde maatregelen.
Kernfeiten
- Kabinet stelt voor dat werknemers pas belasting betalen wanneer zij aandelen verkopen, met slechts 65 procent van het voordeel belast
- Nmbrs-topman Michiel Chevalier pleit voor radicale hervorming: werknemersparticipatie uit de loonbelasting halen
- Lucratiefbelangregeling maakt duidelijke scheiding tussen loon en ondernemersrisico onmogelijk
Veelgestelde vragen
Waarom is de huidige fiscale regeling voor aandelenopties problematisch voor start-ups?
Start-ups kunnen qua salaris niet altijd concurreren met grote bedrijven. Door werknemers mede-eigenaar te maken via aandelen, kunnen zij talent laten meeprofiteren van waardecreatie. De huidige fiscale behandeling, waarbij waardestijging als loon wordt belast, maakt dit aantrekkelijker compensatiemodel echter minder effectief en creëert administratieve complexiteit.
Wat is het verschil tussen Chevaliers voorstel en het kabinetplan?
Het kabinet stelt voor belasting uit te stellen tot verkoop met 65 procent belasting. Chevalier wil verder gaan: het voordeel bij verkrijging als loon belasten, maar daarna de aandelen als gewone beleggingen behandelen zodat latere waardestijging niet meer als salaris wordt gezien, net als bij aandelen van andere bedrijven.
Welke rol speelt de lucratiefbelangregeling in dit debat?
De lucratiefbelangregeling maakt de scheiding tussen loon en ondernemersrisico onmogelijk door alle voordelen uit aandelen als beloning voor arbeid te behandelen. Chevalier pleit voor herziening van deze regeling zodat ondernemers en werknemers duidelijke, voorspelbare regels hebben voor waardering en belastingbehandeling.
