In de periode 2021 tot en met 2023 verplaatste ruim 5 procent van de middelgrote en grote Nederlandse bedrijven een deel van hun activiteiten naar het buitenland. Dat komt neer op ongeveer één op de twintig bedrijven. Het aandeel is vergelijkbaar met eerdere jaren. Dit blijkt uit nieuw onderzoek van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).
Het onderzoek richtte zich op bedrijven met minimaal 50 werknemers in de industrie, energie en commerciële dienstverlening. Bedrijven die volledig uit Nederland zijn vertrokken, zijn niet meegenomen. Het gaat uitsluitend om ondernemingen die een deel van hun activiteiten hebben verplaatst.
Ook twijfelaars houden optie open
Naast de circa 600 bedrijven die daadwerkelijk activiteiten verplaatsten, overwoog nog eens bijna 2 procent van de bedrijven om dit te doen. In absolute aantallen gaat het om ongeveer 200 ondernemingen. De motieven van deze groep komen sterk overeen met die van bedrijven die al zijn verhuisd.
Besparing op loonkosten is met afstand de belangrijkste reden. Bijna drie kwart van de bedrijven noemt dit motief. Ook strategische besluiten van het moederbedrijf en andere kostenbesparingen spelen een grote rol. Daarnaast geeft 44 procent aan dat een tekort aan geschikt personeel in Nederland meespeelt.
Factoren als milieubeleid, de coronapandemie en sancties tegen Rusland worden juist relatief weinig genoemd als aanleiding voor verplaatsing.
Administratie en management het vaakst verplaatst
Niet alle activiteiten zijn even gevoelig voor verplaatsing. Administratie en management worden het vaakst naar het buitenland overgebracht. Meer dan de helft van de verplaatsende bedrijven kiest hiervoor. Ook productie, marketing, sales, klantenservice en ICT-diensten worden regelmatig verhuisd.
Onderzoek en ontwikkeling en logistiek worden minder vaak verplaatst, wat erop wijst dat bedrijven kernactiviteiten vaker in Nederland houden.
Europa blijft belangrijkste bestemming
De meeste bedrijven kiezen bij verplaatsing voor een ander land binnen de Europese Unie. Dat geldt voor 68 procent van de verplaatsende bedrijven. Het Verenigd Koninkrijk, India en Noord-Amerika volgen op afstand. Naar China wordt vooral productie verplaatst, terwijl India populair is voor administratie en ICT-diensten.
Volgens het CBS spelen wettelijke en administratieve belemmeringen, evenals onzekerheid over kwaliteit, een belangrijke rol voor bedrijven die juist afzien van verplaatsing.
ICT-sector koploper
Relatief gezien verplaatst de ICT-sector het vaakst activiteiten naar het buitenland. In deze sector deed 14 procent van de bedrijven dit. In absolute aantallen zijn het vooral bedrijven in de industrie en de groot- en detailhandel die activiteiten verplaatsen.
Voor ondernemers onderstreept het onderzoek dat internationalisering vooral een strategisch kosten- en capaciteitsvraagstuk blijft, waarbij nabijheid binnen Europa een duidelijke voorkeur heeft.
