De Nederlandse economie groeide in het eerste kwartaal van 2026 met slechts 0,1 procent ten opzichte van het voorgaande kwartaal. Dat blijkt uit de eerste berekening van het Centraal Bureau voor de Statistiek. De economische groei bbp Nederland vertraagt daarmee duidelijk ten opzichte van de 0,4 procent groei die het vierde kwartaal van 2025 nog liet zien. Overheidsuitgaven en investeringen hielden de economie overeind, terwijl de export en de industrie juist een rem zetten op de groei.
Eurozone groeit trager, Nederland voelt remmen het hardst
De Nederlandse economie vertraagde in Q1 2026 tot 0,1 procent groei, het laagste niveau in jaren. Dit sluit aan bij bredere zwakte in de eurozone, waar landen als Spanje (0,6%) eveneens vertragen. Terwijl investeringen en overheidsuitgaven de Nederlandse economie overeind houden, werken export en industrie tegen, signalen van zwakke wereldvraag en handelsrisico’s.
Voor ondernemers in export, industrie en logistiek betekent dit groeiende druk op omzet en marge. Bedrijven die afhankelijk zijn van buitenlandse afzet moeten zich voorbereiden op lagere vraag, terwijl vraagstukken rond arbeidskosten en investeringen acuter worden. Dit is het moment om kostenbeheer en liquiditeitsbuffers kritisch te beoordelen.
Overheid en investeringen stuwen economische groei bbp Nederland
De investeringen in vaste activa stegen in het eerste kwartaal met 0,7 procent. Dat komt vooral door hogere uitgaven aan vliegtuigen en machines. Ook de overheidsconsumptie nam toe, met 0,5 procent. De overheid gaf meer uit aan zorg en aan lonen. Huishoudens consumeerden per saldo evenveel als een kwartaal eerder. Ze besteedden weliswaar meer aan kleding en voedingsmiddelen, maar minder aan vervoersmiddelen en brandstoffen.
Financiële instellingen lieten de sterkste sectorgroei zien: hun toegevoegde waarde steeg met 2,1 procent. Ook de sectoren informatie en communicatie en waterbedrijven groeiden, elk met 1,4 procent. Bovendien droeg de sector overheid, onderwijs en zorg samen met de financiële dienstverlening het meest bij aan de totale bbp-groei. Ondernemers in de zakelijke dienstverlening kregen te maken met een daling van 0,4 procent in toegevoegde waarde.
Export van goederen daalt, industrie krimpt
De uitvoer van goederen en diensten daalde in het eerste kwartaal met 0,6 procent. Vooral de goederenexport liet een forse teruggang zien van 1,2 procent. Nederland exporteerde beduidend minder machines en transportmiddelen. Tegelijkertijd steeg de export van diensten met 0,8 procent, wat de schade gedeeltelijk beperkte. Doordat de invoer gelijk bleef aan het vorige kwartaal, leverde het handelssaldo een negatieve bijdrage aan de groei.
De industrie kromp in het eerste kwartaal met 1,8 procent, de sterkste daling van alle sectoren. Daarnaast daalde de delfstoffenwinning met 3,6 procent en de bouwnijverheid met 0,8 procent. Echter, voor ondernemers in de logistiek en horeca was het beeld wat gunstiger: de sector handel, horeca, vervoer en opslag groeide met 0,4 procent.
Jaar-op-jaar nog altijd plus 1,2 procent
Vergeleken met het eerste kwartaal van 2025 groeide de economie met 1,2 procent. Die groei komt onder meer door een stijging van de overheidsconsumptie met 2,7 procent en hogere investeringen van 1,5 procent. Ook de consumptie door huishoudens lag 0,6 procent hoger dan een jaar eerder. Verder groeide de uitvoer met 1,4 procent, maar de invoer steeg harder, met 2,3 procent, waardoor het handelssaldo ook op jaarbasis negatief bijdroeg aan de groei.
Het CBS publiceert de tweede berekening van de economische groei op woensdag 24 juni 2026. Historisch gezien bedraagt de gemiddelde bijstelling tussen de eerste en tweede berekening 0,2 procentpunt. De huidige cijfers zijn daarmee voorlopig. Het CBS stelde bovendien de groeicijfers van het vierde kwartaal van 2025 neerwaarts bij, van 0,5 naar 0,4 procent.
Kernfeiten
- Economische groei Nederland vertraagde van 0,4% (Q4 2025) naar 0,1% in Q1 2026
- Export en industrie zetten rem op groei, terwijl investeringen en overheidsuitgaven stabiliseren
- Investeringen in vaste activa stegen met 0,7%, overheidsconsumptie met 0,5%
Veelgestelde vragen
Wat betekent deze groeivertraging voor mijn exportbedrijf?
Zwakke groei in Nederland en eurozone duidt op lagere internationale vraag. Diversifieer klantportfolio, versterk je prijs-positie en monitor likwiditeit nauwer. Dit is het moment voor voorzichtige voorraadbeheer.
Hoe beïnvloedt industriële groeivertraging mijn toeleveranciersnetwerk?
Lagere industriële activiteit betekent minder orders en mogelijke betalingsproblemen bij klanten. Controleer kredietrisico’s, versterk relaties met stabiele klanten en verken kostenbesparing in productie.
Zijn er kansen voor ondernemers in deze vertraging?
Ja. Bedrijven die nu in efficiëntie, arbeidsproductiviteit en technologie investeren, positioneren zich beter voor herstel. CBS-data uit 2025 toont dat Nederlandse arbeidsproductiviteit 2,4% steeg; groei zit in slimmer ondernemen, niet meer volume.
Hoe lang houdt deze groeivertraging aan?
Dat hangt af van eurozone-herstel en wereldhandel. Bereid je bedrijf voor op minimaal twee tot drie kwartalen lagere vraag; focus op winstmarge en kostenbeheer in plaats van volumegroei.
