Diversen

Hilde Krens over Eurowijs (interview): “Financiële educatie moet voor ieder kind toegankelijk zijn”

06 juli 2026
WijBusinessNieuws_Hilde Krens_Eurowijs

Een stichting is niet veel anders dan een bedrijf

Wat begon als een project binnen de financiële sector, groeit uit tot een landelijk initiatief dat inmiddels honderdduizenden kinderen bereikt. Hilde Krens is oprichter van Eurowijs, een stichting die financiële educatie structureel onderdeel wil maken van het basisonderwijs. “Het moet voor elk kind mogelijk zijn om dit te krijgen, zonder drempels”, zegt ze.

De start: een ontbrekend stuk in financiële educatie

Het idee voor Eurowijs ontstond in 2013, wanneer Krens werkzaam is bij de Volksbank en wordt gevraagd om projectleider te worden voor de Week van het Geld.

“Wat ik daar zag, was dat er wel lesmateriaal bestond, maar vooral gericht op de bovenbouw van de basisschool,” vertelt ze. “Groep 7 en 8, dus kinderen van 10 tot 12 jaar. Maar ik dacht meteen: waarom beginnen we niet veel eerder?”

Die vraag wordt het vertrekpunt voor wat later Eurowijs zou worden. Samen met Annelou van Noort ontwikkelt Krens lesmateriaal voor jongere kinderen. Eerst nog als gastlessen programma vanuit de bank, maar al snel groeit het initiatief uit tot een breder onderwijsaanbod.

Van initiatief binnen de bank naar onafhankelijke stichting

In de jaren die volgen, wordt het lesmateriaal uitgebreid naar alle groepen in het basisonderwijs. Daarmee ontstaat een doorlopende leerlijn van kleuters tot en met groep 8.

“In 2015 hebben we besloten het lesmateriaal gratis beschikbaar te stellen aan scholen,” zegt Krens. “De vraag naar gastlessen werd simpelweg te groot.”

Die groei zet haar ook aan het denken over de structuur. Eurowijs is in de praktijk uitgegroeid tot een organisatie met impact, maar past niet meer vanzelfsprekend binnen een commerciële bankomgeving.

“Op een gegeven moment merk je dat je een andere kant op beweegt. Eurowijs kost geld, het levert geen directe opbrengst op. Toen heb ik voorgesteld om het onder te brengen in een stichting, zodat we met meerdere partners konden samenwerken en groter konden worden.”

Dat voorstel werd omarmd. In 2024 volgt een intensieve transitieperiode waarin Eurowijs juridisch en organisatorisch zelfstandig wordt. “Daar heb ik alle vrijheid in gekregen vanuit de Volksbank. Dat was heel waardevol.”

Een stichting als onderneming

Hoewel Eurowijs een stichting is, werkt de organisatie in de praktijk als een onderneming.

“Het enige verschil is dat we geen winst maken,” legt Krens uit. “Maar verder moet ik gewoon begroten, plannen maken, sturen op resultaten en verantwoording afleggen aan het bestuur.”

De organisatie werkt met een mix van vaste en externe professionals. Van vormgeving tot contentontwikkeling en websitebeheer, veel wordt flexibel georganiseerd. “Ik ben zelf in dienst van de stichting, de rest werkt op projectbasis of als zelfstandige.”

Het financiële model is gebaseerd op funding en partnerschappen. Die variëren van bijdragen van enkele duizenden euro’s tot grotere strategische partners.

Partners die meedoen in de klas

Eurowijs werkt met een groeiend netwerk van partners uit onder andere de financiële sector en verzekeringswereld, waaronder ASN Bank, Van Lanschot Kempen en ASR.

“Veel van hen geven gastlessen met ons materiaal”, zegt Krens. “In totaal gaat dat om ongeveer 800 gastlessen per jaar.”

Het concept is laagdrempelig maar gestructureerd: scholen kunnen het lesmateriaal gratis bestellen, waarna leerkrachten zelf lesgeven. Medewerkers van partners worden getraind om gastlessen te verzorgen.

Voor mkb-bedrijven is er ook ruimte om aan te haken, al ligt de nadruk niet op zichtbaarheid of marketing. “Het moet niet gaan om ‘wat levert het mij op in exposure’. Het gaat om de intrinsieke motivatie om kinderen goed te leren omgaan met geld.. Natuurlijk mag je de samenwerking met Eurowijs delen op LinkedIn, website of in je nieuwsbrief, maar dat is niet het doel.”

Impact als kompas

Groei is bij Eurowijs geen doel op zich. Impact staat centraal.

“We hebben inmiddels meer dan een half miljoen leerlingen bereikt met fysiek en digitaal lesmateriaal”, vertelt Krens. “Maar de vraag is niet alleen hoeveel, maar vooral: wat verandert er echt?”

Om dat inzichtelijk te maken, werkt Eurowijs samen met onder meer ASR en externe partijen zoals Impact House (Grant Thornton). Ook leerkrachten en leerlingen worden structureel bevraagd.

“Zien leerkrachten dat er vaker over geld wordt gesproken in de klas? Begrijpen kinderen beter wat geld betekent? Dat zijn de vragen waar we op sturen.De resultaten tot nu toe zijn positief, maar vooral leerzaam. Het helpt ons om het materiaal continu te verbeteren.”

Bereik en ambitie

Eurowijs bereikt inmiddels bijna 35% van de basisscholen in Nederland. Via een netwerk van ruim 25.000 leerkrachten wordt het lesmateriaal actief verspreid en gebruikt.

“Dat betekent ook dat we nog veel scholen niet bereiken”, zegt Krens nuchter. “Daar zit onze volgende stap. Groei blijft belangrijk, maar altijd in balans met uitvoerbaarheid en financiering. Je kunt wel naar twee miljoen leerlingen willen, maar je moet het ook kunnen dragen en goed blijven doen.”

Wat bedrijven hiervan kunnen leren

Volgens Krens ligt er voor ondernemers een duidelijke les in de manier waarop Eurowijs opereert: maatschappelijke betrokkenheid is geen bijzaak.

“Bedrijven hebben een verantwoordelijkheid in de samenleving. Dat kan via geld, via tijd, via inzet van mensen. Maar doe het niet alleen om er zelf beter van te worden.”

Ze ziet dat mkb-bedrijven vaak praktisch willen bijdragen. “Dat kan ook heel goed. Je kunt bijvoorbeeld bijdragen per regio of per schoolomgeving. Alles helpt.”

Tot slot: waarom het gratis moet blijven

De keuze om het lesmateriaal kosteloos aan te bieden is bewust en principieel. 

“Als we scholen geld zouden laten betalen, sluit je kinderen uit,” zegt Krens. “En dat willen we niet. Elk kind moet de kans krijgen om financieel weerbaar te worden.” Die overtuiging vormt de kern van Eurowijs, toen en nu.

“Het is geen project, het is een missie”, besluit ze.