De kalendergecorrigeerde productie van de Nederlandse industrie lag in oktober 1,9 procent hoger dan een jaar eerder, meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). In 60 procent van de industriële branches werd groei gemeten, waarmee de sector voorzichtig herstel toont na een periode van krimp.
Groei vooral in rubber- en kunststofindustrie
Van de acht grootste branches liet de rubber- en kunststofindustrie de sterkste productiegroei zien met 7,8 procent. Ook de reparatie- en installatiebranche van machines (+6,7 procent) en de voedingsmiddelenindustrie (+4,2 procent) boekten duidelijke vooruitgang. De transportmiddelenindustrie bleef achter met een daling van 4,2 procent, gevolgd door de chemiesector (-3,9 procent).
Productie trekt licht aan ten opzichte van september
Gecorrigeerd voor seizoen- en kalendereffecten steeg de industriële productie in oktober met 0,2 procent ten opzichte van september. De maandcijfers laten sterke schommelingen zien. Na het dieptepunt in mei 2020 volgde een langdurige stijging tot mei 2022. Sindsdien beweegt de trend neerwaarts.
Producenten minder optimistisch
Het producentenvertrouwen verslechterde in november. Ondernemers waren minder positief over de verwachte bedrijvigheid en negatiever over hun voorraden. Ook in Duitsland, een belangrijke afzetmarkt, daalde het vertrouwen. De Duitse industriële productie lag in oktober 0,1 procent lager dan een jaar eerder, al werd ten opzichte van september een duidelijke plus van 1,5 procent gemeten.
