
De regio Noord-Holland heeft een voorkeursroute gekozen voor de aanleg van een nieuwe 380 kV hoogspanningsverbinding tussen de hoogspanningsstations in Diemen (Noord-Holland), Lelystad en Ens (Flevoland). Deze extra verbinding is noodzakelijk om de druk op het overvolle stroomnet te verlichten.
Het gekozen alternatief loopt zoveel mogelijk langs bestaande infrastructuur, zoals de A1 en A6, en sluit aan op de huidige hoogspanningslijnen. Dit zorgt voor de minste impact op de leefomgeving van zowel mensen als natuur.
Regioadvies Noord-Holland
Minister Sophie Hermans van Klimaat en Groene Groei onderzocht drie mogelijke routes voor de nieuwe hoogspanningsverbinding en vroeg regionale overheden om hun advies. Het regioadvies van Noord-Holland werd opgesteld in samenwerking met het waterschap Amstel, Gooi en Vecht, en de gemeenten Amsterdam, Diemen, Huizen en Gooise Meren. De regio heeft de voorkeur uitgesproken voor de route die de minste schade aan woonwijken en natuur aanricht, en kwetsbare gebieden zoveel mogelijk ontwijkt. Met dit advies wil Noord-Holland bijdragen aan een betrouwbaar en toekomstbestendig stroomnet.
In enkele gemeentes staat het voorstel komende week nog op de agenda van het college van burgemeester en wethouders en informeren zij hun gemeenteraden hierover.
Voorkeursbeslissing voorjaar 2025
Dit advies is een belangrijke stap richting de ontwerp-voorkeursbeslissing die de ministers van Klimaat en Groene Groei, en van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, in het voorjaar van 2025 zullen nemen. In deze beslissing wordt het definitieve tracé voor de hoogspanningsverbinding gekozen en worden de locaties voor de nieuwe hoogspanningsstations vastgesteld. Deze stap is essentieel voor het verder ontwikkelen van het stroomnet, dat in de toekomst in staat moet zijn om de groeiende vraag naar elektriciteit op een betrouwbare en duurzame manier te ondersteunen. Het bepalen van het tracé en de stationslocaties zal rekening houden met diverse belangen, zoals het minimaliseren van de impact op het milieu, de leefomgeving van mensen en de bereikbaarheid van de stations voor onderhoud en beheer. Dit proces is cruciaal voor het behalen van de klimaatdoelen van Nederland en voor het waarborgen van een stabiele energievoorziening op de lange termijn.