Ondernemers in heel Nederland ontvangen deze maand de voorlopige aanslag inkomstenbelasting voor het jaar 2026. De Belastingdienst verstuurt deze berichten om ondernemers te helpen hun belastingen te betalen op het moment dat zij ook daadwerkelijk inkomsten genereren. De aanslag is een schatting van de belasting die over het gehele komende jaar verschuldigd is. Door dit bedrag vooraf te voldoen, wordt voorkomen dat ondernemers na afloop van het jaar in één keer een groot bedrag moeten overmaken bij de definitieve aanslag.
De hoogte van de voorlopige aanslag is doorgaans gebaseerd op de gegevens van de voorlopige aanslag van 2025 of de meest recente definitieve aanslag. Ondernemers hebben de keuze om het bedrag in één keer te betalen of het te spreiden over elf maandelijkse termijnen. Na afloop van het kalenderjaar volgt de reguliere belastingaangifte, waarna de voorlopige betalingen worden verrekend met de definitieve berekening. Dit systeem zorgt voor een stabieler financieel verloop binnen de bedrijfsvoering.
Voorkom verrassingen bij wijzigende winstcijfers
Het grootste voordeel van de voorlopige aanslag is het behouden van grip op de liquiditeit van de onderneming. Vooral voor ondernemers die een sterke groei doormaken, is een nauwkeurige voorlopige aanslag van groot belang. Wanneer de winst aanzienlijk hoger uitvalt dan in voorgaande jaren, sluit de automatische schatting van de Belastingdienst vaak niet meer aan bij de realiteit. Zonder aanpassing kan dit leiden tot een forse en soms onverwachte naheffing bij de definitieve aanslag.
Ook bij een daling van de winst of bij staking van de bedrijfsactiviteiten is actie vereist. In zulke gevallen betalen ondernemers mogelijk maandelijks te veel belasting, wat ten koste gaat van het werkkapitaal. Door de voorlopige aanslag direct naar beneden bij te stellen, blijft er meer budget beschikbaar voor de dagelijkse bedrijfsvoering of noodzakelijke investeringen. Het controleren van de aanslag via Mijn Belastingdienst is daarom een essentieel onderdeel van de financiële administratie in januari.
Aandachtspunten voor starters en de Zorgverzekeringswet
Startende ondernemers vormen een bijzondere groep, omdat zij vaak nog niet automatisch een voorlopige aanslag ontvangen. De Belastingdienst beschikt in die gevallen nog niet over historische gegevens om een schatting op te baseren. Voor deze groep is het verstandig om zelf een voorlopige aanslag aan te vragen. Hiermee bouwen zij gedurende het jaar een buffer op en voorkomen zij dat zij in hun tweede of derde jaar alsnog geconfronteerd worden met een stapeling van belastingaanslagen.
Naast de inkomstenbelasting moeten ondernemers ook rekening houden met de inkomensafhankelijke bijdrage voor de Zorgverzekeringswet. Waar dit bij werknemers via de werkgever verloopt, moeten zelfstandigen dit zelf regelen. De Belastingdienst verstuurt hiervoor vaak een aparte voorlopige aanslag Zvw. Deze bijdrage is eveneens gekoppeld aan het belastbaar inkomen, waardoor een wijziging in de verwachte winst ook direct invloed heeft op de hoogte van deze zorgbijdrage.
