De provincie Noord-Holland, Rijkswaterstaat en het Nationaal Dataportaal Wegverkeer hebben de eerste testfase van een nieuwe droneproef succesvol afgerond. Bij de Kooybrug in Den Helder werd een drone handmatig bestuurd door een piloot die op locatie aanwezig was. De komende maanden verschuift de proef naar op afstand bestuurde vluchten, waarbij de drone via een computer wordt aangestuurd.
Het doel van de proef is om te onderzoeken of drones sneller hulp kunnen bieden bij incidenten op de weg of het water. Als dat lukt, kunnen wegen en vaarwegen eerder worden vrijgegeven en worden verkeerssystemen sneller bijgewerkt. De proef loopt tot april 2026.
Op 21 november werd voor het eerst buiten het zicht van de dronepiloot gevlogen. Dat is een belangrijke stap richting volledig op afstand bestuurde inzet. De drone kan daarmee al in de lucht zijn voordat hulpdiensten ter plaatse arriveren.
Hoe de droneproef werkt
De komende maanden vinden opnieuw testvluchten plaats rondom de Kooybrug, op de N9, N99, N250 en het Noordhollandsch Kanaal. De vluchten gebeuren vooral overdag op werkdagen. Het systeem moet laten zien dat een drone binnen enkele minuten zelfstandig naar de incidentlocatie kan vliegen en live-beelden kan delen met de verkeerscentrale of meldkamer.
Gecertificeerde dronepiloten besturen de drone vanaf een computer. Vanuit de lucht kunnen zij direct inschatten welke hulp nodig is, zoals een berger of wegdekreiniger. De drone heeft een technisch bereik van 15 kilometer, maar vliegt tijdens de proef maximaal 2 kilometer vanaf het basisstation bij de Kooysluis.
Waardevolle data voor navigatiediensten
Naast veiligheid en responstijd onderzoekt de provincie of de drone bruikbare data levert voor navigatiediensten zoals Google Maps en TomTom. Snellere meldingen van files of afsluitingen moeten verkeersinformatie actueler maken, wat zowel weggebruikers als Noord-Hollandse ondernemers ten goede komt.
Verantwoord en veilig inzetten
Veiligheid staat centraal tijdens de proef. De drone vliegt binnen gecontroleerd luchtruim van Defensie en elke vlucht vereist toestemming. De drone is herkenbaar aan de geel-blauwe markeringen van Rijkswaterstaat. Privacy wordt strikt bewaakt: de drone vliegt zo min mogelijk over huizen en bedrijven, en de beelden worden uitsluitend gebruikt voor incidentafhandeling.
Mogelijke toekomst: inspecties, beheer en onderhoud
Als de proef goed verloopt, kan de provincie de drone ook bij echte incidenten inzetten. Daarnaast onderzoekt Noord-Holland of drones kunnen helpen bij inspecties van belijning, onderhoud van wegen en bruggen, en andere beheeractiviteiten.
Nieuwe wetgeving voor op afstand bestuurde drones wordt pas na 2030 verwacht. Dat betekent dat grootschalige inzet nog niet mogelijk is, maar gerichte regionale tests zoals bij Den Helder wel binnen de regels passen. Na afloop van de proef blijft de drone niet permanent staan in het gebied.
