Meer dan de helft van de docenten gebruikt wekelijks kunstmatige intelligentie in hun lessen, maar slechts tien procent van de scholen heeft een duidelijk AI-beleid. Dit blijkt uit nieuw onderzoek onder duizend onderwijsprofessionals, uitgevoerd voorafgaand aan vakbeurs IPON die woensdag 11 en donderdag 12 februari voor het eerst volledig door Jaarbeurs wordt georganiseerd. Het onderzoek toont een grote kloof tussen het daadwerkelijke gebruik van AI en de ondersteuning die scholen bieden.
AI breed ingezet, weinig structuur
Het onderzoek laat zien dat 53 procent van de docenten wekelijks of vaker AI gebruikt in hun werk. Docenten zetten de technologie vooral in voor het maken van opdrachten (57 procent), samenvattingen (45 procent) en lesplannen (36 procent). Ondanks dit intensieve gebruik heeft een kwart van de docenten te maken met scholen die helemaal geen AI-beleid hebben. Nog eens 19 procent van de ondervraagden weet niet of hun school wel of geen beleid heeft. Door het gebrek aan duidelijke kaders bepaalt de individuele docent vaak zelf hoe AI in de klas wordt gebruikt.
Risico’s zonder richtlijnen
De onderwijsprofessionals zijn zich bewust van de risico’s die ontstaan zonder duidelijke richtlijnen. Maar liefst 79 procent van de respondenten ziet gevaren als er geen structuur is rondom AI-gebruik. Ook de AI-vaardigheid van leerlingen baart zorgen: slechts 9 procent van de docenten beoordeelt de AI-kennis van hun leerlingen als hoog. Daartegenover staat dat 36 procent de vaardigheid van studenten laag of zeer laag inschat. Het beleid rondom leerlinggebruik verschilt sterk per school: 41 procent staat AI toe onder voorwaarden, 17 procent verbiedt het volledig en 30 procent van de docenten weet niet wat het schoolbeleid is.
Jaarbeurs ziet urgentie voor ondersteuning
Audrey Wilschut, clustermanager zorg en onderwijs bij Jaarbeurs, benadrukt de noodzaak van meer ondersteuning. “Docenten omarmen AI al massaal, maar missen duidelijke kaders om het verantwoord en effectief in te zetten”, stelt zij. “Dat maakt de behoefte aan kennisdeling en praktische handvatten groter dan ooit.” Tijdens IPON geven experts richting in dat gesprek, waarbij spreker Barend Last bijvoorbeeld laat zien dat de rol van de leraar door AI verandert maar zeker niet verdwijnt.
IPON biedt praktische inzichten
De vakbeurs IPON richt zich dit jaar specifiek op AI, digitale didactiek en onderwijsinnovatie. Internationale sprekers delen hun visie op de toekomst van leren, terwijl bezoekers in workshops zelf aan de slag kunnen met AI-vaardigheden en digitale tools. Op de EdTech-beursvloer presenteren leveranciers de nieuwste oplossingen die direct inzetbaar zijn in de klas. Het programma sluit daarmee aan bij de uitkomsten van het onderzoek en de behoefte aan praktische ondersteuning. Voor onderwijsinstellingen die worstelen met AI-implementatie biedt dit onderzoek belangrijke inzichten. De cijfers tonen aan dat het niet langer gaat om de vraag of AI gebruikt moet worden in het onderwijs, maar hoe scholen hun docenten en leerlingen kunnen ondersteunen bij verantwoord gebruik. Zonder duidelijk beleid en scholing dreigt de onderwijskwaliteit onder druk te komen te staan, terwijl de kansen die AI biedt onbenut blijven.
