De inflatie in Nederland is in augustus 2026 gestegen naar 3,3 procent. Dat is een toename van 0,1 procentpunt ten opzichte van juli, zo meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek. De stijging wordt vooral veroorzaakt door hogere prijzen die Nederlandse consumenten in het buitenland betalen.
Vakantie en grensaankopen stuwen inflatie omhoog
Het inflatiecijfer van 3,3 procent wordt vooral gedreven door prijsstijgingen in het buitenland, waar Nederlandse consumenten vakantie doorbrengen en boodschappen doen. Dit contrast met de eurozone, waar de inflatie in augustus eveneens 3,3 procent bedroeg maar vooral door voedsel en energie werd veroorzaakt. In Nederland bleven voedingsmiddelen juist 0,5 procent goedkoper, wat de nationale inflatie temperde.
Voor ondernemers die internationaal actief zijn of grensoverschrijdende diensten aanbieden, betekent deze prijsontwikkeling dat klanten in het buitenland met hogere kosten rekening moeten houden. Bedrijven in toerisme, horeca en retail moeten rekening houden met de gestegen prijzen voor buitenlandse consumenten, wat hun concurrentiepositie kan beïnvloeden. Tegelijkertijd biedt de relatief lage voedselinflatie in Nederland kansen voor voedingsbedrijven om hun marge te behouden.
Vakantie-uitgaven en grensaankopen drijven inflatie omhoog
De prijzen van goederen en diensten die Nederlanders in het buitenland aanschaffen, stegen in augustus met 7,4 procent vergeleken met een jaar eerder. In juli bedroeg deze stijging nog 4,8 procent. Het gaat hierbij om vakantie-uitgaven zoals hotelovernachtingen en restaurantbezoek, maar ook om aankopen over de grens zoals boodschappen en brandstof. Daarnaast droeg de prijsontwikkeling van gas bij aan de opwaartse beweging van de inflatie.
Maandelijkse prijsstijging blijft beperkt
Vergeleken met juli waren consumentengoederen en diensten in augustus 0,3 procent duurder. Dit ligt iets onder het tienjarig gemiddelde voor augustus van 0,4 procent. Het CBS wijst erop dat seizoensinvloeden zoals uitverkopen de maandelijkse prijsvergelijking kunnen beïnvloeden. Dergelijke tijdelijke prijsdalingen vormen geen structurele trend.
Nederlandse inflatie lager dan eurozone
De inflatie in de eurozone steeg van 2,9 procent in juli naar 3,3 procent in augustus. Daarmee lag de prijsstijging in het eurogebied hoger dan in Nederland. Het verschil wordt vooral verklaard door voedingsmiddelen, dranken en tabak. Deze productgroep werd in Nederland 0,5 procent goedkoper, terwijl de prijzen in de eurozone met 1,2 procent stegen. Ook de energieprijzen stegen in de eurozone sterker dan in Nederland.
Geharmoniseerde inflatie daalt in Nederland
Volgens de Europees geharmoniseerde consumentenprijsindex daalde de inflatie in Nederland van 3,0 procent in juli naar 2,8 procent in augustus. Dit verschilt met de reguliere consumentenprijsindex omdat consumptie in het buitenland geen onderdeel uitmaakt van de geharmoniseerde berekening. Het Centraal Bureau voor de Statistiek publiceert beide cijfers om zowel nationale als Europese vergelijkingen mogelijk te maken.
Huisvesting en vervoer belangrijkste bijdragen
Huisvesting, water en energie leverden in augustus de grootste bijdrage aan de totale inflatie met 0,99 procentpunt. Vervoer droeg 0,95 procentpunt bij. Consumptie in het buitenland was goed voor 0,40 procentpunt, een stijging ten opzichte van 0,26 procentpunt in juli. Horeca, diverse goederen en diensten, en recreatie completeren de lijst van belangrijkste bijdragen aan de prijsstijging.
Kernfeiten
- Inflatie in Nederland steeg van 3,2% in juli naar 3,3% in augustus 2026
- Prijzen voor buitenlandse consumptie stegen met 7,4% jaar-op-jaar, tegen 4,8% in juli
- Huisvesting en vervoer leverden samen 1,94 procentpunt bij aan de totale inflatie
- Nederlandse voedselprijs daalde 0,5%, terwijl eurozone-gemiddelde met 1,2% steeg (HICP vergelijking)
Veelgestelde vragen
Waarom stijgt de inflatie vooral door buitenlandse uitgaven?
Vakantie-uitgaven zoals hotels en restaurants in het buitenland werden in augustus 7,4 procent duurder dan een jaar eerder, tegen slechts 4,8 procent in juli. Ook grensaankopen zoals boodschappen en brandstof in buurlanden dragen hieraan bij. Dit effect is sterker dan prijsstijgingen in Nederland zelf.
Hoe verschilt de Nederlandse inflatie van de eurozone?
Geharmoniseerd (HICP) lag Nederland op 2,8% en de eurozone op 3,3%. In Nederland werd de stijging vooral veroorzaakt door buitenlandse consumptie, terwijl in de eurozone voedsel en energie de hoofdrolspelers waren. Nederlandse voedselprijs daalde zelfs met 0,5 procent, wat de nationale inflatie temperde.
Wat zijn de gevolgen voor ondernemers in toerisme en detailhandel?
Ondernemers in horeca en toerisme zien dat buitenlandse gasten met hogere prijzen rekening moeten houden, wat hun bestedingen kan beperken. Detailhandelaren die grensoverschrijdende klanten bedienen, kunnen last hebben van verminderde vraag door gestegen prijzen in het buitenland.
Welke sectoren voelen de inflatiedruk het meest?
Huisvesting, water en energie droegen met 0,99 procentpunt het meest bij aan de inflatie, gevolgd door vervoer met 0,95 procentpunt. Ondernemers in deze sectoren en hun klanten ondervinden de grootste prijsdruk.
