Zakelijke dienstverlening

Diensten leveren Nederland meer op dan goederen

10 september 2026
Dienstenhandel groeit bijna 20 procent sinds 2023

VS levert 37 procent van de groei in Nederlandse diensteninvoer

De internationale handel in diensten is sinds het tweede kwartaal van 2023 met bijna 20 procent gegroeid. De goederenhandel bleef in dezelfde periode achter met een bescheidener groei. Het Centraal Bureau voor de Statistiek meldt dit in Nederland Handelsland 2026.

VS verstevigt positie als grootste diensten-leverancier

De Verenigde Staten versterkt zijn marktpositie in de Nederlandse dienstenhandel aanzienlijk. Van de 4,4 miljard euro groei in diensteninvoer schrijft Nederland 1,6 miljard euro toe aan Amerikaanse leveranciers, wat neerkomt op 37 procent van de totale stijging. Ook bij de export naar het buitenland spelen Amerikaanse partners een belangrijke rol, met een aandeel van 14 procent in de groei.

Voor ondernemers in zakelijke diensten en technologie betekent deze verschuiving dat samenwerking met Amerikaanse partners steeds relevanter wordt. Bedrijven die diensten exporteren of internationale klanten bedienen, kunnen profiteren van de groeiende vraag naar Nederlandse zakelijke diensten in brede zin.

Dienstenhandel groeit sterker dan goederenhandel

In het tweede kwartaal van 2026 lag de diensteninvoer 4,4 miljard euro hoger dan een jaar eerder. De dienstenuitvoer steeg met 3,5 miljard euro. Prijsstijgingen vormden de belangrijkste oorzaak van deze groei. De volumes namen slechts beperkt toe.

Daarentegen bereikte de goederenhandel pas in het tweede kwartaal van 2026 het hoogste niveau sinds begin 2023. Hogere olieprijzen door het conflict in het Midden-Oosten verklaarden deze stijging. De waarde van de goederenhandel daalde begin 2023 en bleef daarna bijna drie jaar lang lager.

Zakelijke diensten en intellectueel eigendom trekken groei

De diensteninvoer steeg in het tweede kwartaal van 2026 naar 78,6 miljard euro. De dienstenuitvoer bedroeg 87,2 miljard euro. Zakelijke diensten groeiden het meest in waarde, gevolgd door vergoedingen voor het gebruik van intellectueel eigendom.

Bij de uitvoer nam vooral een brede groep zakelijke diensten toe die niet afzonderlijk onder advies-, R&D- of technische diensten valt. Nederland importeerde voor 0,6 miljard euro meer aan vervoersdiensten, maar exporteerde hiervan 0,4 miljard euro minder. Bij telecommunicatie-, computer- en informatiediensten daalde de import met 0,3 miljard euro, terwijl de export met 0,4 miljard toenam.

Verenigde Staten versterkt positie als grootste leverancier

Van de 4,4 miljard euro hogere invoerwaarde van diensten schreef Nederland 1,6 miljard euro toe aan de invoer vanuit de Verenigde Staten. Dit betekent een aandeel van 37 procent. Daarmee positioneert het land zich steviger als de grootste leverancier van diensten aan Nederland.

Ook de invoer uit Duitsland en het Verenigd Koninkrijk nam toe, beide met 0,4 miljard euro. Buiten de zes grootste handelspartners vielen Canada en Australië op, met beide een 0,4 miljard euro hogere invoerwaarde. Voor Australië betekende dit een groei van 85 procent ten opzichte van een jaar eerder. Van de zes belangrijkste handelspartners leverde alleen Ierland minder diensten.

Voor de export van diensten kwam de grootste groei juist door de export naar Ierland met een aandeel van 18 procent. Vlak daarachter kwamen de Verenigde Staten met 14 procent en het Verenigd Koninkrijk met 12 procent.

Dienstenexport levert meer op dan goederenexport

Diensten leveren een relatief grote bijdrage aan de Nederlandse economie. In 2024 was 16,4 procent van het Nederlandse bruto binnenlands product toe te schrijven aan de export van diensten. Dat was meer dan de bijdrage van de export van goederen van Nederlandse makelij, die 13,9 procent bedroeg.

Ook per euro export levert dienstenexport het meeste op. Van iedere euro dienstenexport bleef in 2024 bijna 65 eurocent als toegevoegde waarde in Nederland achter. Bij de export van goederen van Nederlandse makelij was dat ruim 51 eurocent en bij wederuitvoer 12,5 eurocent per euro export. De totale export van goederen en diensten droeg in 2024 voor 34,1 procent bij aan het Nederlandse bruto binnenlands product.

Kernfeiten

  • Dienstenhandel groeide sinds Q2 2023 met bijna 20 procent, veel sterker dan goederenhandel
  • Diensten leveren meer toegevoegde waarde op: 65 eurocent per euro export versus 51 eurocent bij goederen
  • Zakelijke diensten en intellectueel eigendom trekken de groei in dienstenhandel
  • Verenigde Staten is verantwoordelijk voor 37 procent van de groei in Nederlandse diensteninvoer

Veelgestelde vragen

Waarom groeit dienstenhandel sneller dan goederenhandel?

Prijsstijgingen vormen de belangrijkste oorzaak van de groei in dienstenhandel, terwijl de volumes slechts beperkt toenamen. Bij goederenhandel speelden hogere olieprijzen door het Midden-Oosten-conflict een rol, maar de sector had eerder een langere periode van daling doorgemaakt.

Welke dienstensectoren groeien het meest?

Zakelijke diensten en vergoedingen voor intellectueel eigendom trekken de groei. Bij export groeit vooral een brede groep zakelijke diensten die niet afzonderlijk onder advies-, R&D- of technische diensten valt.

Wat zijn de voordelen van dienstenexport voor de Nederlandse economie?

Dienstenexport levert meer toegevoegde waarde op dan goederenexport: van elke euro dienstenexport blijft bijna 65 eurocent in Nederland achter, tegenover ruim 51 eurocent bij goederenexport. In 2024 droeg dienstenexport voor 16,4 procent bij aan het bruto binnenlands product.

Hoe kunnen Nederlandse bedrijven profiteren van deze groei?

Ondernemers in zakelijke diensten kunnen inspelen op de groeiende internationale vraag naar zakelijke diensten in brede zin.. De sterke positie van Nederlandse diensten op wereldmarkten biedt kansen voor bedrijven die hun aanbod internationaal willen uitbreiden.

Lees ook