Industriële ondernemers in West-Brabant kampen steeds meer met onvoldoende vraag naar hun producten in plaats van personeelstekorten. Dertig procent van de industriële werkgevers ervaart onvoldoende vraag als grootste knelpunt, terwijl personeelstekort daalt naar 26 procent. Het aantal WW-uitkeringen vanuit de industrie steeg afgelopen jaar met 23 procent naar 1.300 uitkeringen in januari 2026. Ondanks deze ontwikkelingen blijft er een tekort aan ingenieurs en vakspecialisten zoals procesoperators en productieleiders.
Industrie kampt met economische onzekerheid
De industrie is een cruciale werkgever in Noord-Brabant met 191.600 banen in de provincie, waarvan ongeveer 37.000 in West-Brabant. Ongeveer 80 procent van de industriële bedrijven geeft aan de afgelopen twaalf maanden meer economische onzekerheid te ervaren. Oorzaken zijn economische onrust in Duitsland, gestegen productiekosten door hogere energieprijzen en internationale handelsspanningen. Het percentage werkgevers dat onvoldoende vraag als knelpunt ziet, neemt sinds 2022 toe tot het hoogste niveau van alle sectoren.
Metaalindustrie zwaar getroffen
Vooral de basismetaal- en metaalproductenindustrie ondervindt hinder van onvoldoende vraag. Deze deelsector maakt relatief veel gebruik van energie en heeft last van hoge energieprijzen. De metaalindustrie kampt daarnaast met concurrentie uit Azië. In de bouwmaterialenindustrie en reparatie van machines blijft personeelstekort juist een groot probleem. De meeste werkenden in de industrie in West-Brabant zijn actief in de overige industrie, metaalindustrie en chemische industrie.
WW-uitkeringen stijgen fors
Het aantal WW-uitkeringen vanuit de industrie steeg afgelopen jaar met 23 procent, veel sterker dan de gemiddelde stijging van 10 procent voor alle sectoren samen. In januari 2026 zijn er 1.300 WW-uitkeringen uit de industrie in West-Brabant. De grootste groep uitkeringsgerechtigden is 50 jaar of ouder, goed voor 47 procent van alle uitkeringen. “Vanuit mijn rol als werkgeversadviseur bij UWV zie ik zeker signalen van onrust vanuit de chemie en industrie”, stelt Judith Gijzen, werkgeversadviseur UWV West-Brabant.
Mismatch op arbeidsmarkt wordt zichtbaar
Volgens Gijzen komen werknemers met verschillende werk- en denkniveaus in de WW terecht. Dit varieert van operators met minimale ervaring tot hoger opgeleide engineers en procestechnologen. Bij hoger opgeleiden gaat het vaak om werknemers die na lange tijd hun baan verliezen. Hun ervaring en kwalificaties sluiten niet makkelijk aan op andere sectoren, waardoor de mismatch op de arbeidsmarkt duidelijk wordt. Meerdere productiebedrijven in de regio moeten mensen ontslaan vanwege teruglopende vraag en stijgende kosten.
Technische beroepen blijven schaars
Ondanks minder vacatures en meer WW-uitkeringen blijft de arbeidsmarkt voor technische beroepen zeer krap. Er zijn 6.600 openstaande vacatures in de industrie in Noord-Brabant, een daling van 15 procent vergeleken met vorig jaar. Onderzoek naar de arbeidsmarkt tot 2030 toont aan dat de Brabantse arbeidsmarkt voor ingenieurs en vakspecialisten zeer krap blijft. Dit betreft niet alleen ingenieurs, maar ook biologen, natuurwetenschappers en architecten. Ook procesoperators, productieleiders en technici bouwkunde blijven schaars.
Bredere impact op West-Brabantse arbeidsmarkt
Deze ontwikkelingen in de industrie hebben gevolgen voor de gehele arbeidsmarkt in West-Brabant. Het totaal aantal WW-uitkeringen steeg in januari 2026 naar 8.224, een toename van 9,1 procent ten opzichte van de vorige maand. Voor ondernemers in andere sectoren betekent dit zowel kansen als uitdagingen. Enerzijds komt er meer arbeidspotentieel beschikbaar, anderzijds kan de economische onzekerheid doorwerken naar andere branches die afhankelijk zijn van de industrie als afnemer.
