De inflatie in Nederland is in mei 2026 gestegen naar 3,5 procent, blijkt uit de snelle raming van het Centraal Bureau voor de Statistiek. Dit is een forse toename ten opzichte van april, toen de prijsstijging nog op 2,8 procent lag. Voor ondernemers betekent dit een verdere stijging van de koopkracht-uitdaging voor hun werknemers en mogelijke druk op de bedrijfsvoering.
Energieprijzen stuwen inflatie omhoog in mei
De inflatie in Nederland is in mei 2026 gestegen naar 3,5 procent volgens de snelle raming van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Dit is een aanzienlijke stijging ten opzichte van april, toen de prijsstijging nog op 2,8 procent lag. Fors opgelopen energieprijzen zijn de belangrijkste drijver achter deze inflatieversnelling, volgens berichtgeving in media. De maandelijkse consumentenprijzen stegen met 0,1 procent vergeleken met april.
Voor ondernemers betekent deze inflatiestijging direct hogere operationele kosten, vooral in energieintensieve sectoren. Bedrijven moeten rekening houden met verdere druk op winkelwaardes en personeelskosten, werknemers zullen hogere loonsverhogingen verwachten om hun koopkracht te beschermen. Dit maakt kostenbeheer en efficiëntieverbeteringen nu cruciaal voor het behoud van marges.
Consumentenprijzen stijgen met 0,1 procent in een maand tijd
Het CBS meet de inflatie elke maand aan de hand van de consumentenprijsindex, de zogenaamde CPI. Deze index vergelijkt de huidige prijzen met dezelfde maand een jaar eerder. Daarnaast biedt de index inzicht in de maandelijkse prijsontwikkeling. In mei 2026 stegen de consumentenprijzen met 0,1 procent vergeleken met april. Dit is iets hoger dan het gemiddelde in de afgelopen tien jaar, toen de prijzen in mei gemiddeld met 0,1 procent daalden.
Volgens het statistiekbureau moet bij maandvergelijkingen rekening worden gehouden met seizoensinvloeden. Zo zijn kledingprijzen tijdens uitverkoopperiodes tijdelijk lager, wat geen structurele daling weerspiegelt. De stijging van 0,7 procentpunt tussen april en mei duidt echter op een duidelijke opwaartse beweging in de prijsontwikkeling.
Energie en buitenlandse consumptie drijven inflatie omhoog
De snelle raming toont aan dat vooral energie en consumptie in het buitenland fors duurder zijn geworden. De prijzen voor energie, inclusief motorbrandstoffen, stegen met 9,9 procent ten opzichte van mei 2025. In april lag deze stijging nog op 7,9 procent. Ook consumptie in het buitenland werd aanzienlijk duurder met een toename van 5,6 procent, tegenover 3,4 procent een maand eerder.
Daarnaast stegen de prijzen voor diensten met 4,7 procent op jaarbasis, tegenover 3,6 procent in april. Voedingsmiddelen, dranken en tabak werden juist minder snel duurder, met een stijging van 0,4 procent in plaats van 1,5 procent. Industriële goederen, exclusief energie en motorbrandstoffen, lieten een bescheiden prijsstijging zien van 0,7 procent.
Europese inflatiemeting wijkt licht af van Nederlandse cijfers
Naast de nationale CPI publiceert het CBS ook de Europees geharmoniseerde consumentenprijsindex, de HICP. Deze variant houdt geen rekening met de kosten van het wonen in een eigen woning. Volgens de HICP bedroeg de inflatie in mei 3,4 procent, iets lager dan de 3,5 procent van de CPI. In april lag de HICP-inflatie op 2,5 procent.
Het verschil tussen beide meetmethoden zit voornamelijk in de behandeling van woonkosten. De CPI berekent deze kosten aan de hand van de ontwikkeling van woninghuren, terwijl de HICP dit aspect buiten beschouwing laat. Bovendien werkt het CBS sinds 2026 met een nieuw basisjaar voor beide indices, waarbij 2025 als referentiejaar dient in plaats van 2015.
Definitieve inflatiecijfers volgen op 9 juni
De huidige cijfers zijn gebaseerd op nog onvolledige brongegevens en hebben daarom het karakter van een voorlopige inschatting. Op 9 juni publiceert het CBS de definitieve inflatiecijfers over mei, inclusief gedetailleerde informatie over alle productcategorieën. Tot slot krijgen ondernemers dan een completer beeld van de prijsontwikkelingen in verschillende sectoren en kunnen zij hun strategie hierop aanpassen.
Kernfeiten
- Inflatie in mei 2026 bereikt 3,5 procent, stijging van 0,7 procentpunt ten opzichte van april
- Energieprijzen zijn de voornaamste veroorzaker van de inflatieversnelling
- Consumentenprijzen stegen met 0,1 procent in een maand tijd (mei t.o.v. april)
Veelgestelde vragen
Wat betekent 3,5 procent inflatie voor de kosten van mijn bedrijf?
Energiekosten stijgen sneller, en dit werkt door in transportkosten, huurverhogingen en leveranciersprijzen. Voor veel mkb’ers betekent dit 3-5 procent extra operationele uitgaven. U dient uw inkoopcontracten kritisch te reviewen en potentiële prijsstijgingen met leveranciers vroegtijdig in te calculeren.
Hoe beïnvloedt inflatie van 3,5 procent mijn personeelsbudget?
Werknemers zullen hogere loosverhogingen eisen om hun koopkracht te behouden. Veel ondernemers ondervinden nu al druk om minstens 3-4 procent salarisverhoging toe te staan. Dit raakt directe loonkosten, maar ook belastingen en sociale premies.
Welke sectoren worden het hardst getroffen door deze energieprijsstijging?
Energie-intensieve bedrijven, zoals transport, horeca, productie en tuinbouw, voelen de stijging het meest. Ook detailhandelaren met grote winkels (verwarming, verlichting) en hotels merken dit direct. Bedrijven in diensten voelen minder directe impact, maar ervaren wel secundaire effecten via personeelskosten.
Wat kan ik nu doen als ondernemer om deze inflatie op te vangen?
Herzie je prijsstelling en controleer of je marge nog klopt met de gestegen inkoopkosten. Zet in op energiebesparing (LED, isolatie, slimmere systemen) en onderhandel nu al met leveranciers over multi-year contracts voordat prijzen verder stijgen. Voor personeelsplanning: anticipeer op looneisen en evalueer automation waar rendabel.
