De energietransitie in Nederland stagneert niet door gebrek aan motivatie, maar door praktische barrières in het dagelijks leven. Nieuw onderzoek van kenniscentrum Milieu Centraal toont aan dat ruim de helft van de Nederlanders openstaat voor duurzame keuzes, terwijl slechts een derde deze intenties daadwerkelijk omzet in actie. Het grootste onbenutte potentieel ligt volgens de onderzoekers bij woningverduurzaming, waar veel draagvlak bestaat maar uitvoering achterblijft.
Intentie versus actie: waar stagneert de energietransitie?
Onderzoek van Milieu Centraal toont aan dat Nederlandse huishoudens niet tegen duurzaamheid zijn, maar tegen praktische belemmeringen aanslopen. Ruim de helft van de ondervraagden staat open voor verduurzaming, maar slechts een derde zet dit daadwerkelijk om in actie. Het grootste gat tussen wens en werkelijkheid zit bij woningverduurzaming, waar veel draagvlak bestaat maar implementatie achterblijft.
Voor ondernemers in installatietechnieken, bouwbedrijven en energieservices biedt dit een dubbel inzicht: er is voldoende vraag, maar de beslissingsdrempel bij huishoudens is hoog. Dit betekent dat effectieve communicatie over praktische voordelen (kostenbesparing, subsidies, eenvoudige procesbegeleiding) cruciaal is om voornemens om te zetten in opdrachten.
Monitor legt kloof bloot tussen intentie en actie
De thema-uitgave Energietransitie van de Monitor Duurzaam Leven onderzocht het gedrag van ruim 4.000 Nederlanders. Daaruit blijkt dat gemiddeld 51 procent openstaat voor verduurzaming, maar dat slechts 29 procent concrete stappen neemt. Volgens directeur-bestuurder Ika van de Pas van Milieu Centraal vraagt de energietransitie niet om meer motivatie, maar om betere randvoorwaarden. Daarbij wijst zij op voorspelbaar beleid, lagere financiële risico’s en duidelijke keuzemogelijkheden als cruciale factoren.
Bovendien blijkt draagvlak geen statisch gegeven. Een flitspeiling eind april laat zien dat externe factoren zoals energiecrises, subsidieaankondigingen en geopolitieke ontwikkelingen de bereidheid snel kunnen beïnvloeden. Zo steeg de openheid voor een elektrische auto in één jaar van 44 naar 65 procent, mede door de aangekondigde terugkeer van EV-subsidie en de Utrechtse aansluitstop. Ook de bereidheid voor een volledig elektrische warmtepomp klom van 49 naar bijna 70 procent.
Woningisolatie biedt grootste kansen voor energietransitie
Het domein wonen kent veel bereidheid maar beperkte uitvoering. Zeven op de tien woningeigenaren staat open voor een goed geïsoleerde woning. Ongeveer 60 procent heeft al één maatregel genomen, zoals vloer- of glasisolatie. Echter, slechts 5 procent van de woningen gebouwd vóór 2018 is zodanig verduurzaamd dat deze klaar is voor een aardgasvrije toekomst. Mensen blijven volgens de onderzoekers steken in losse maatregelen, terwijl een integrale aanpak nodig is.
Daarnaast tonen regionale verschillen aan dat beleid werkt. In Drenthe ligt de openheid voor vergaande woningverduurzaming merkbaar hoger, mede dankzij extra subsidieregelingen. Dit onderstreept dat financiële ondersteuning niet alleen verduurzaming haalbaarder maakt, maar ook normstellend werkt. Een goed geïsoleerde woning vormt volgens Milieu Centraal de basis van de energietransitie, omdat dit het energieverbruik structureel verlaagt en vervolgstappen vergemakkelijkt.
Mobiliteit blijft grootste uitdaging
De energietransitie stokt het meest op het gebied van mobiliteit. Dit domein heeft de grootste klimaatimpact maar kent het laagste draagvlak en de minste uitvoering. De gehechtheid aan de fossiele auto blijkt hardnekkig, ondanks groeiende verkoopcijfers van elektrische auto’s. Zorgen over kosten en het afbouwen van fiscale voordelen zetten de bereidheid onder druk. Tegelijkertijd maken steeds meer mensen zich zorgen over overbelasting van het stroomnet bij grootschalige overstap naar elektrisch rijden.
Gedragsonderzoeker Judith Roumen benadrukt dat veel onzekerheid bestaat over wat wel en niet kan binnen de huidige netcapaciteit. Volgens haar leidt dit tot onnodige uitstel van verduurzamingsplannen. Op veel plekken is verzwaring van de aansluiting nog gewoon mogelijk, en verduurzaming met bijvoorbeeld een hybride warmtepomp vraagt vaak helemaal geen verzwaarde aansluiting. Duidelijke communicatie hierover is volgens Roumen essentieel om huishoudens te helpen verstandige keuzes te maken.
Netcongestie groeit als zorgpunt
Zorgen over netcongestie trekken als rode draad door alle domeinen heen. Waar in mei 2025 nog 52 procent zich zorgen maakte over stroomnetbelasting bij aanschaf van een warmtepomp, is dat aandeel inmiddels gestegen naar 65 procent. Ook het gelijktijdig gebruik van meerdere elektrische apparaten baart steeds meer mensen zorgen. Echter, veel verduurzaming is volgens de onderzoekers nog prima mogelijk zonder verzwaring van de aansluiting.
Milieu Centraal stelt dat de kernopgave verschuift van draagvlak vergroten naar duurzaam gedrag mogelijk maken. Het kenniscentrum pleit voor een systeem waarin duurzame keuzes logisch en vanzelfsprekend worden. Alleen dan kunnen huishoudens hun rol in de energietransitie echt waarmaken. Met meer dan 25 jaar ervaring ondersteunt de organisatie Nederlanders bij het nemen van duurzame stappen die passen bij hun persoonlijke situatie.
Kernfeiten
- 51 procent van Nederlanders staat open voor verduurzaming, maar slechts 29 procent zet dit daadwerkelijk in praktijk
- Woningverduurzaming vormt het grootste potentieel, maar ervaart de grootste implementatieachterstand
- Monitor Duurzaam Leven onderzocht gedrag van ruim 4.000 Nederlanders
Veelgestelde vragen
Waarom slaat duurzaamheid niet aan ondanks open houding van huishoudens?
Huishoudens schromen voor investeringskosten, onzekerheid over subsidieregels en overlast van werkzaamheden. Voor installateurs betekent dit: aansluiting zoeken bij gemeentelijke verduurzamingsagenda’s en duidelijke communicatie over totale kostenbesparing en beschikbare subsidies kunnen de drempel verlagen.
Hoe kan mijn bedrijf deze intentie-actiekloof overbruggen?
Bied een compleet pakket aan: transparante prijsopstellingen, duidelijk gemak (bijvoorbeeld geen sloopkosten) en koppeling naar subsidies zoals ISDE of gemeentelijke regelingen. Veel huishoudens hebben minder behoefte aan motivatie dan aan ontmoeting van praktische bezwaren.
Welke sectoren profiteren het meest van deze kloof?
Installateurs van warmtepompen, zonnepanelenbedrijven, isolatiebedrijven en energieadviseurs zien groeiend potentieel. Het onderzoek wijst uit dat vraag aanwezig is, werkzaamheidsgraad hangt af van hoe goed je de praktische belemmeringen wegneemt.
Wat kunnen gemeenten en bedrijven gezamenlijk doen?
Sluit aan bij integrale verduurzamingsprogramma’s op wijkniveau, waarbij meerdere huizen tegelijk aangepakt worden. Dit verlaagt kosten per huishouden, stelt minder mensen in werking en vergroot lokale naamsbekendheid. Veel gemeenten zoeken actief naar zulke partnerschappen.
