Het reëel beschikbaar inkomen van Nederlandse huishoudens steeg in het tweede kwartaal van 2026 met 0,7 procent ten opzichte van een jaar eerder. De stijging komt vooral door hogere lonen en uitkeringen, zo blijkt uit nieuwe cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek. Tegelijkertijd nam de hypotheekschuld toe tot 948 miljard euro.
Groei reëel beschikbaar inkomenvertraagt ondanks loonstijgingen
De stijging van 0,7 procent markeert een duidelijke vertraging ten opzichte van eerdere kwartalen: in het eerste kwartaal van 2026 bedroeg de reële inkomensgroei nog 2,2 procent. Dit patroon sluit aan bij recente ramingen van het CPB, die voor 2027 een daling van de koopkracht voorspellen voor de meeste huishoudens, ondanks lastenverlichting uit de miljoenennota.
Voor ondernemers betekent deze afvlakking dat consumenten voorzichtiger worden met uitgaven, ondanks nominaal hogere lonen. Zelfstandigen voelen dit direct: hun gemengd inkomen daalde met 2,2 procent, terwijl werknemersbeloning met 5 procent steeg. Dit vraagt om aanpassingen in prijsstelling en klantenbinding, zeker als de koopkrachtdaling in 2027 doorzet.
Lonen en uitkeringen stuwen inkomen huishoudens
De beloning van werknemers groeide met 5 procent in het tweede kwartaal. Daarnaast steeg het aantal banen met 1,1 procent. Ook de cao-lonen lagen 4,3 procent hoger dan een jaar eerder. Het gemengd inkomen van zelfstandigen daalde echter met 2,2 procent.
Huishoudens ontvingen 7,4 procent meer uitkeringen dan in dezelfde periode vorig jaar. Deze stijging hangt samen met de verhoging van het minimumloon met 4,6 procent. Daarnaast keerden pensioenfondsen die zijn ingevaren in het nieuwe pensioenstelsel hogere uitkeringen uit. Tegenover de hogere inkomsten stond een stijging van belastingen en sociale premies met 6,2 procent.
Hypotheekschuld groeit naar 948 miljard euro
De woninghypotheekschuld nam in het tweede kwartaal toe met 12 miljard euro vergeleken met het eerste kwartaal. Deze groei komt door hogere huizenprijzen en een toename van het aantal woningverkopen. De hypotheekschuld als percentage van het bruto binnenlands product steeg naar 80 procent. Een jaar eerder bedroeg dit percentage nog 79,6 procent.
Het Centraal Bureau voor de Statistiek corrigeerde het beschikbaar inkomen voor prijsstijgingen om tot het reëel beschikbaar inkomen te komen. Daarbij tellen alle inkomsten uit arbeid, uitkeringen en vermogen mee, minus de betaalde belastingen en premies.
Werkgelegenheid en cao-lonen bepalend voor koopkracht
De totale beloning van werknemers bedroeg in het tweede kwartaal 156,3 miljard euro. Dit is de grootste component van het huishoudinkomen. Sociale uitkeringen droegen 56,1 miljard euro bij. Het gemengd inkomen van zelfstandigen kwam uit op 24,2 miljard euro. Huishoudens betaalden in totaal 98,3 miljard euro aan belastingen en sociale premies.
Het voortschrijdend jaargemiddelde van de reële inkomensgroei laat een stijging zien van 1,5 procent in het derde kwartaal van 2024. In het eerste kwartaal van 2026 bedroeg deze groei nog 2,2 procent. De daling naar 0,7 procent in het tweede kwartaal wijst op een afvlakkende trend in de koopkrachtontwikkeling.
Kernfeiten
- Reëel beschikbaar inkomen steeg met 0,7 procent in Q2 2026, maar vertraagde van 2,2 procent in Q1 2026
- Werknemerslonen groeiden met 5 procent, cao-lonen met 4,3 procent, maar zelfstandigeninkomen daalde met 2,2 procent
- Hypotheekschuld bereikte 948 miljard euro, gelijk aan 80 procent van het bruto binnenlands product
Veelgestelde vragen
Waarom stijgt het reëel beschikbaar inkomen maar met 0,7 procent terwijl lonen met 5 procent groeien?
Het reëel beschikbaar inkomen corrigeert voor prijsstijgingen en trekt belastingen en sociale premies af, die met 6,2 procent stegen. Bovendien telt het gemengd inkomen van zelfstandigen mee, dat juist daalde met 2,2 procent, wat de gemiddelde groei drukt.
Hoe beïnvloedt de vertragende koopkrachtgroei mijn onderneming?
Consumenten geven voorzichtiger uit naarmate de koopkrachtgroei afneemt. Dit vraagt van ondernemers om scherp te blijven op kostenbeheer en klantenbinding, vooral omdat het CPB voor 2027 een koopkrachtdaling voorspelt voor de meeste huishoudens.
Lees ook
- CPB: koopkracht daalt ondanks lastenverlichting miljoenennota
- Lonen stijgen 38 procent sinds 2018 en houden gelijke tred met inflatie
- Vier op de tien huishoudens komt moeilijk rond in 2026
- Kabinet investeert 1,5 miljard in infrastructuur en woningbouw
- CPB verwacht economische groei ondanks hogere energieprijzen
