De prijzen van bestaande koopwoningen stegen in het tweede kwartaal van 2026 landelijk met 4,2 procent ten opzichte van een jaar eerder. Toch daalden de prijzen in zes gemeenten, met Noord-Beveland als grootste daler. Het Centraal Bureau voor de Statistiek en het Kadaster presenteren nieuwe cijfers over de ontwikkeling van de woningmarkt.
Prijsdalingen in zes gemeenten doorbreken landelijke stijging
Hoewel bestaande koopwoningen landelijk in het tweede kwartaal van 2026 met 4,2 procent in prijs stegen, kende Nederland een uitzondering: zes gemeenten noteerden dalingen. Noord-Beveland leidde met een daling van 5,1 procent, gevolgd door Ouder-Amstel (2,8 procent) en Hillegom (2,5 procent). Dit contrast met het vorige kwartaal, toen slechts één gemeente een prijsdaling registreerde, wijst op verschuivingen in de regionale woningmarkt.
Voor ondernemers in vastgoed en makelaardij betekenen deze regionale verschillen dat lokale marktkennis cruciaal blijft. Bedrijven die actief zijn in Noord-Beveland, Ouder-Amstel of Hillegom moeten rekening houden met lagere transactieprijzen en mogelijk langere verkoopcycli, terwijl makelaars in stijgende markten juist kunnen profiteren van de landelijke groei van 4,2 procent.
Prijsdaling in Noord-Beveland en vijf andere gemeenten
In Noord-Beveland daalden de transactieprijzen met 5,1 procent, de grootste daling van alle Nederlandse gemeenten. Daarnaast noteerde Ouder-Amstel een daling van 2,8 procent en Hillegom van 2,5 procent. Ook in Valkenswaard, Veldhoven en IJsselstein zakten de prijzen. Dit staat in schril contrast met het vorige kwartaal, toen slechts één gemeente een prijsdaling kende.
Oost Gelre en Voorst tonen grootste stijgingen
Tegelijkertijd stegen de prijzen in de meeste gemeenten juist fors. Oost Gelre in Gelderland spande de kroon met een prijsstijging van 20,9 procent, gevolgd door Voorst met 19,4 procent en Pekela met 16,2 procent. Daarnaast noteerden Tubbergen, Noardeast-Fryslân en Asten stijgingen van meer dan 14 procent. In de meeste gemeenten lag de prijsstijging tussen de 3 en 9 procent.
Regionale verschillen in prijsontwikkeling
Volgens de cijfers waren de procentuele prijsstijgingen in het oosten en noorden van Nederland over het algemeen hoger dan in het westen. De vier grote steden lieten bescheiden stijgingen zien: Amsterdam 0,1 procent, Rotterdam 3,2 procent, Den Haag 4,5 procent en Utrecht 2,2 procent. Deze gemeenten worden volgens een andere methode berekend dan de overige gemeenten.
Landelijke prijsstijging vlakt af
De landelijke prijzen van bestaande koopwoningen bereikten halverwege 2022 een piek. Daarna daalden de transactieprijzen tot halverwege 2023. Inmiddels zijn de prijzen weer gestegen en hebben veel gemeenten nieuwe records bereikt. Echter vlakt de landelijke prijsstijging in de laatste kwartalen af, van 10,9 procent in het eerste kwartaal van 2025 naar 4,2 procent in het tweede kwartaal van 2026.
Nieuwe berekeningsmethode voor gemeentelijke cijfers
Het CBS en het Kadaster gebruiken een nieuwe methode om de prijsontwikkelingen van bestaande koopwoningen te berekenen. Deze methode geldt voor ongeveer 320 gemeenten vanaf 1995 en bevat een 95 procent betrouwbaarheidsinterval. De complete tijdreeksen zijn beschikbaar via de prijsindex bestaande koopwoningen van het CBS. Meer informatie over de methodiek is te vinden op de website van het CBS.
Kernfeiten
- Bestaande koopwoningen stegen landelijk met 4,2 procent in Q2 2026, maar daalden in zes gemeenten
- Noord-Beveland noteerde de grootste daling met 5,1 procent; Ouder-Amstel en Hillegom volgden met respectievelijk 2,8 en 2,5 procent
- In het vorige kwartaal kende slechts één gemeente een prijsdaling, wat een toename van regionale volatiliteit aangeeft
Veelgestelde vragen
Wat betekenen deze prijsdalingen voor mijn vastgoedportefeuille?
Als u eigenaar bent van woningen in Noord-Beveland, Ouder-Amstel of Hillegom, kan een daling van 2,5 tot 5,1 procent significant impact hebben op de waarde van uw bezit. Het is raadzaam uw portefeuille regelmatig te monitoren en eventueel professioneel advies in te winnen over timing van verkoop of verhuur.
Hoe beïnvloedt deze regionale spreiding makelaars en taxateurs?
Makelaars in dalende markten kunnen met lagere commissies en langere verkooptijden te maken krijgen, terwijl taxateurs voorzichtiger moeten zijn met waardebepalingen. Het is essentieel om actuele marktgegevens per gemeente te gebruiken in plaats van landelijke gemiddelden.
Wat zijn de gevolgen voor bouwbedrijven en projectontwikkelaars?
Projectontwikkelaars in dalende gemeenten kunnen voorzichtiger worden met nieuwe projecten, terwijl bedrijven in stijgende markten meer kansen hebben. De landelijke groei van 4,2 procent biedt nog steeds mogelijkheden, maar regionale selectiviteit is cruciaal.
Hoe kan ik als ondernemer op deze marktveranderingen inspelen?
Monitor regelmatig de prijsontwikkelingen in uw werkgebied via het CBS en het Kadaster. Overweeg uw strategie aan te passen op basis van lokale trends: in dalende markten kan focus op verhuur interessanter zijn, in stijgende markten op verkoop en doorontwikkeling.
